Wat is het verschil tussen salderen, terugleveren en zelf verbruiken?
Dossier Dit artikel hoort bij het dossier De afbouw van de salderingsregeling.
Zelf verbruiken is zonnestroom direct in huis gebruiken; die kWh komt nooit op het net. Terugleveren is je overschot aan het net leveren. Salderen is de administratieve regeling waarmee je die teruggeleverde kWh wegstreept tegen kWh die je later afneemt. Terugleveren blijft bestaan; salderen stopt op 1 januari 2027.
Drie begrippen, drie verschillende dingen
De verwarring ontstaat doordat de drie termen door elkaar gebruikt worden, terwijl ze op verschillende niveaus liggen. Zelf verbruiken en terugleveren zijn fysieke gebeurtenissen: elke kilowattuur die je paneel opwekt, gaat óf direct naar een apparaat in je huis, óf via de meter het net op. Er is geen derde mogelijkheid. Salderen daarentegen is geen fysieke stroom maar een rekenregel: een afspraak in de wet over hoe de teruggeleverde kilowattuur op je jaarafrekening verrekend wordt.
De Rijksoverheid legt het met een voorbeeld uit. Een huishouden levert in de zomer 2.500 kWh terug aan het stroomnet. Dankzij de salderingsregeling mag dat huishouden in de winter 2.500 kWh gebruiken zonder daarvoor stroomkosten, netwerkkosten of energiebelasting te betalen. Die 2.500 kWh teruglevering wordt dus weggestreept tegen 2.500 kWh verbruik. Alles wat je bóven die 2.500 kWh gebruikt, betaal je gewoon. Belangrijk detail: salderen kent een maximum. Lever je méér terug dan je over het jaar afneemt, dan krijg je voor dat overschot geen volledige verrekening, maar een lagere terugleververgoeding.
Zelf verbruiken is in alle scenario's de gunstigste variant, want die kilowattuur passeert de meter helemaal niet. Je betaalt er geen inkoopprijs, geen netwerkkosten en geen energiebelasting over. Milieu Centraal rekent voor dat je eigen groene stroom over de hele levensduur drie à vier keer goedkoper is dan stroom die je bij de leverancier inkoopt. Wie het praktisch wil aanpakken, vindt in ons artikel over zelf gebruiken of terugleveren de concrete afwegingen.
Wat er op 1 januari 2027 precies verandert
Van de drie begrippen verdwijnt er per 1 januari 2027 exact één: salderen. De Rijksoverheid is daar helder over — eigenaren van zonnepanelen kunnen vanaf dat moment zelf opgewekte stroom niet meer wegstrepen tegen hun verbruik. De mogelijkheid om in de zomer teruggeleverde stroom te verrekenen met in de winter verbruikte stroom verdwijnt.
Terugleveren blijft gewoon mogelijk. Je panelen blijven aangesloten, je overschot gaat nog steeds het net op en je krijgt daar een vergoeding voor van je energieleverancier. Alleen: die terugleververgoeding valt naar verwachting flink lager uit dan de stroomprijs die je zelf betaalt. Milieu Centraal spreekt van een "heel kleine vergoeding" per kilowattuur. Reden is dat energieleveranciers de kosten die zij maken door zonnepaneelhouders mogen doorberekenen aan de consument.
Zelf verbruiken verandert helemaal niet — en wordt juist relatief waardevoller. Het kabinet noemt dat ook expliciet als een van de redenen om te stoppen met salderen: men wil huishoudens stimuleren zelf opgewekte stroom te gebruiken in plaats van terug te leveren, omdat direct gebruik minder druk op het elektriciteitsnet geeft. De andere genoemde redenen: salderen kost geld, waardoor veel energiebedrijven hun stroomprijzen verhoogden — ook voor mensen zónder panelen — en de overheid loopt belastinginkomsten mis. Bovendien zijn zonnepanelen inmiddels zo goedkoop en efficiënt dat ze ook zonder de regeling interessant zijn. De volledige achtergrond staat in ons dossier over de afbouw van de salderingsregeling.
Waarom het seizoen alles bepaalt
Het knelpunt zit in de verdeling van je opbrengst over het jaar. Milieu Centraal publiceert die verdeling per maand, gebaseerd op de periode 1991-2020: januari 3 procent van de jaaropbrengst, februari 5, maart 9, april 12, mei 13, juni 13, juli 13, augustus 11, september 9, oktober 7, november 3 en december 2 procent. Van mei tot en met juli komt dus bijna 40 procent van je jaaropbrengst binnen, terwijl je in november, december en januari samen op 8 procent zit.
Precies in die zomermaanden verbruik je thuis het minst. Salderen overbrugt dat verschil: het schuift je zomeroverschot administratief door naar de winter. Zonder salderen verdwijnt die brug. Milieu Centraal beschrijft ook waarom dat voor het energiebedrijf ongunstig is: door het grote aanbod in de zomer is stroom op dat moment vaak heel goedkoop — het bedrijf krijgt er weinig voor of moet zelfs geld toeleggen — terwijl jij in de winter dure stroom terugkrijgt.
Vanaf 2027 telt daarom niet meer hoevéél je opwekt, maar vooral wannéér. Dat verschuift ook de rekensom bij aanschaf: zie hoeveel zonnepanelen je nodig hebt voor je jaarverbruik.
Wat je hier praktisch mee kunt
De rode draad: verhoog het aandeel dat je zelf verbruikt. Dat begint gratis — zet wasmachine, vaatwasser, droger en de laadsessie van je auto op de uren dat de zon schijnt. Elke kWh die je zo verplaatst, is een kWh waarvoor je straks geen lage terugleververgoeding krijgt maar de volle inkoopprijs bespaart.
Daarna komen de investeringen. Een thuisbatterij slaat je middagoverschot op voor de avond en gaat vooral lonen voor huishoudens die nu nog volop salderen. Een warmtepompboiler zet zonnestroom om in warm water — een vorm van opslag die je dagelijks gebruikt. Voor verduurzamingsmaatregelen zoals warmtepompen, zonneboilers, isolatie en ventilatie is er de ISDE. In 2026 is daarvoor 500 miljoen euro beschikbaar, elk jaar komt er nieuw budget bij en de regeling loopt door tot 2031. Let op: zonnepanelen zelf vallen niet onder de ISDE.
Tot slot: controleer je contract. Leveranciers mogen terugleverkosten in rekening brengen en die moeten apart en duidelijk op je factuur staan. Neem dat mee in je vergelijking, zeker als je overweegt over te stappen op een dynamisch energiecontract.